HOND & WET
BEWAARDER AANSPRAKELIJK,
Het gebeurt geregeld: je voelt je ziek maar het is tijd dat je hond even buiten gelaten wordt. Je vraagt aan je buurman om dit even te doen en hij stemt hier onmiddelijk mee in. Tijdens dit wandelingetje doet zich echter een ongeval voor waarbij je hond gekwetst wordt. Ben je als eigenaar aansprakelijk, zelfs indien je er niet bij was?
Om een antwoord te formuleren op deze vraag is het heel belangrijk dat de juiste feiten en omstandigheden van het ongeval onderzocht worden. Een klein detail kan namelijk een ander licht werpen op de aansprakelijkheid van de betrokken partijen. Zo zal bijvoorbeeld moeten nagegaan worden wie de bewaarder van het dier was ten tijde van ongeval, of de hond zich niet crrect gedragen heeft, of het slachtoffer een fout maakte, enz. Het antwoord op al deze vragen geeft dan uiteindelijk ook een antwoord op de vraag nar de aansprakelheid van het ongeval. Wij illustreren dit aan de hand van onderstaand praktijkvoorbeeld.
DE FEITEN
Greet is eigenaar van een hond. Op zekere dag vraagt zij aan een vriend Piet om haar hond even buiten te laten. Piet neemt de hond aan de leiband en begeeft zich op de stoep. Op een bepaald ogenblik rijdt een wagen de hond aan. De hond wordt een twintigtal meters ver weggeslingerd en is op slag dood! Door de aanrijding heeft de bestuurder van de wagen eveneens schade opgelopen aan zijn voertuig. Door het feit dat hij omnium verzekerd is, wordt deze schade echter wel door de verzekeraar vergoed. Doch deze verzekeraar keert zich nu tegen Greet, zijnde de eigenares van de hond. De verzekeraar vindt dat zij op grond van artikel 1385 van het Burgerlijk Wetboek aansprakelijk is voor deze schade en zij dan ook moet opdraaien voor het door haar uitbetaalde bedrag.
BEOORDELING DOOR DE RECHTER
Artikel 1385 stelt dat de eigenaar van een dier, of diegene die er zich van bedient, aansprakelijk is voor de schade die het dier heeft veroorzaakt, hetzij het onder zijn bewaring stond, dan wel verdwaald of ontsnapt was. Het gaat hier dus om een wettelijk en onweerlegbaar vermoeden van aansprakelijkheid. Het slachtoffer moet wel aantonen dat zijn schade het gevolg is van een daad van het dier waarvan de aangesprokene de bewaring had. Concreet betekend dit dat het slachtoffer moet bewijzen dat het dier een bepaalde daad heeft gesteld, er hierdoor schade ontstond en er tussen deze daad en schade een oorzakelijk verband bestaat. Kan het slachtoffer dit alles aantonen dan zal de bewaker van het dier aansprakelijk zijn. Bewaker en eigenaar van de hond kunnen niet cumulatief worden aangesproken. Het is dus ofwel de eigenaar ofwel de bewaker van het dier die kan aangesproken worden. Opdat nu een andere persoon dan de eigenaar aansprakelijk kan zijn voor de schade ontstaan door de daad van een hond, is het noodzakelijk dat deze persoon van de eigenaar de macht kreeg om het diet te gebruiken zoals de eigenaar zelf dit zou doen. Deze derde zou zich dus moeten gedragen als een effectieve eigenaar van de hond op het ogenblik van het ongeval.
Heeft deze persoon slechts een loutere feitelijke macht over de hond, dan zal hij niet kunnen aanzien worden als de bewaker van het dier. Hij moet het werkelijke 'meesterschap' hebben over de hond, dit houdt een niet-ondergeschikte bevoegdheid in van leiding en toezicht. In deze zaak oordeelt de rechter dat de vriend Piet die met de hond van Greet ging wandelen, niet kan aanzien worden als de effectieve bewaarder van de hond. Uit het dossier bleek dat Greet aan Piet had gevraagd of hij 'de hond even wilde buitenlaten'. Piet kon zich in deze omstandigheden dan ook niet gedragen als een effectieve eigenaar van het dier.
SCHADE DOOR DE HOND?
De rechter beslist hier dat Greet de ganse tijd de bewaarder is gebleven van haar hond. Toch meent de rechter hier verder dat dit echter nog niet betekend dat artikel 1385 BW van toepassing zal zijn. Het is echter noodzakelijk dat er aangetoond wordt dat er schade is ontstaan door de gedraging van de hond Greet. Dit houdt in dat er moet bewezen worden dat de hond van Greet een actieve rol heeft gespeeld in het schadegeval: bijvoorbeeld het feit dat de hond zich zou hebben losgerukt en de rijbaan zou opgelopen zijn. Hier stelt de rechter echter vast dat dit niet het geval is geweest. De hond werd steeds aan de leiband gehouden en heeft dus ook geen enkele actieve rol gespeeld ten tijde van het ongeval. De rechter concludeert dan ook dat Greet ten allen tijde de bewaarder van haar hond is gebleven, doch dat de hond zelf geen actieve rol heeft gespeeld in dit schadegeval zodat hij stelt dat de eisende partij (de verzekeraar) haar uitbetaalde vergoeding niet kan recupereren bij Greet.
Solange Tastenoye-Juriste
Advieslijn 0902/12014 (0,74euro/min)